'Over 5 jaar is een derde van het personeel een flexibele arbbeidskracht'
Het imago van de uitzendkracht is veranderd van een zielenpiet naar een zelfstandige met lef. Over vijf jaar is een derde van het personeel een flexibele arbeidskracht.
Koppelbaas in een jacquet werd hij genoemd. Toen Frits Goldschmeding precies vijftig jaar geleden met zijn studiegenoot Ger Daleboudt Randstand uitzendbureau oprichtte, werden ze door de goegemeente als malafide types beschouwd die werklozen ronselden. Werknemers die voor het uitzendbureau gingen werken, waren 'sukkels'. Werken deed je veertig jaar, en dan het liefst voor dezelfde baas.
'Toen ik dertig jaar geleden met mijn afgeronde rechtenstudie bij Randstad begon, had iedereen medelijden met me', zegt Fred van Haasteren, directievoorzitter Randstad Groep Nederland. 'Mijn opa en oma vroegen steeds wanneer ik nu die vaste baan kreeg', vervolgt Hylke van der Meer, zestien jaar geleden begonnen als intercedent en nu regiodirecteur Friesland en omgeving.
In die uitzendcultuur is veel veranderd. Een uitzendkracht kan ook in vaste dienst en er kan zelfs carrière worden gemaakt. Bovendien is flexibel werken geen zonde meer. Wie flexibel aan de slag gaat, met of zonder hulp van een uitzendbureau, heeft juist lef en wordt daarom geprezen. Randstad groeide uit tot de tweede grootste speler van de wereld met zo'n 100.000 uitzendkrachten en een omzet van ruim euro 3 mrd.
'Twintig jaar geleden hielp ik een vrouw aan een secretaressebaan', zegt Thea van der Meer, accountadviseur voor Randstad in de regio Noord-Holland en 28 jaar geleden begonnen als intercedente. 'Laatst kwam ze langs om te vertellen dat ze het heeft gemaakt tot hoofd P&O.'
Nederland, met een arbeidsmarkt die levenslange banen garandeerde, werd zo een van de best ontwikkelde uitzendlanden van Europa. Van de totale beroepsbevolking werkt volgens het ING Economisch Bureau 3% van de beroepsbevolking voor een uitzendbureau. Met name de laatste jaren is de groei hard gegaan. De omzet in de sector verdubbelde tussen 2003 en 2009 tot euro 19 mrd. En de flexibiliteit van de werknemers neemt toe. Door de crisis hebben bedrijven klappen gehad. Ze moesten vaste werknemers tijdelijk op een zijspoor zetten om niet failliet te gaan. Dit deden ze door deeltijd-WW aan te vragen. Nu de economie aantrekt, vullen ze de groei op met flexwerkers.
Chipmachinemaker ASML heeft laten weten voor een groot deel op uitzendkrachten te willen leunen. Op de campus in Veldhoven staan 353 vacatures open voor vaste medewerkers en 425 voor flexmedewerkers.
Maar ook bij Philips, Scania en DAF groeit volgens FNV-voorzitter Agnes Jongerius de zogeheten flexibele schil. Allemaal willen ze minder afhankelijk zijn van de conjunctuur. Voor 2010 en 2011 verwacht het ING Economisch Bureau dat het uitzendwerk met respectievelijk 3% en 6% groeit.
Onderzoeksinstelling TNO voorspelt al dat de flexibele schil bij bedrijven over vijf jaar 20 tot 30% is. 'De vraag is hoe ver bedrijven deze flexibiliteit doordrijven', zegt analist Margo Joris van KBC Securities. 'Maar duidelijk is dat het zou moeten gebeuren, om optimaal en efficiënt te reageren op de veranderde omgeving.'
Tot gruwel van FNV-voorzitter Jongerius. Zij vindt dat de flexibiliteit in Nederland is doorgeschoten. 'Ik schrik daarvan', zei ze gisteren bij een door Randstad georganiseerd debat over de arbeidsmarkt. 'We snappen best dat de arbeidsmarkt verandert, maar om de strijd te winnen, moeten we kwaliteit leveren. Investeer in je werknemers.'
Ben Noteboom, bestuursvoorzitter van Randstad, is het daar vanzelfsprekend niet mee eens. 'De beste garantie om lang werkloos te worden is door lang voor dezelfde baas te werken', is zijn repliek. 'De vaste baan voor het leven is niet meer de oplossing. Bovendien nemen bedrijven een tijd na de crisis altijd weer mensen aan.'
'Bij 200 man was ik alle namen vergeten'
Uitzendbureau Randstad is uitgegroeid van een lokale eenpitter tot een miljardenbedrijf met zo'n 100.000 uitzendkrachten. Oprichter Frits Goldschmeding (77) merkte de eerste groeistuipen toen het aantal personeelsleden boven de 175 kwam.
'Tot 175 man kende ik alle namen uit mijn hoofd', zei hij gisteren op het feest ter ere van de vijftigste verjaardag van de uitzender. 'Daarboven ging er iets van het directe contact verloren. Toen we op 200 man zaten, was ik opeens alle namen vergeten.'
Goldschmeding had deze reusachtige groei bij de start niet voor ogen. Hij wist dat er vraag was naar flexibel personeel. Daar had hij een scriptie over geschreven. Maar hij bediende de Randstad, vandaar de naam, en verder niet. Bovendien moest een bedrijf volgens hem groeien als een waterlelie die nieuwe bloemen aanmaakt. Want wie te gretig groeit, kan zijn beginselen en bedrijfscultuur niet langer trouw zijn.
Het liep anders. Goldschmeding nam Tempo-Team over en bracht zijn geesteskind naar de Amsterdamse beurs. Zijn opvolger Hans Zwarts kocht daarna voor miljarden het Amerikaanse Strategix en vlak daarna concurrenten in Duitsland en Spanje. Dat ging Goldschmeding te snel. Hij verweet Zwarts expansiedrift en het maken van verkeerde keuzes. Zwarts stapte op en twee jaar later kwam de huidige ceo Ben Noteboom op het pluche.
Als de oprichter nu wordt gevraagd wat hij beter niet had kunnen doen, verwijst hij naar de overname van een kleine staalfabriek in Duitsland, die hij overnam omdat Randstad de grootste crediteur was. Ander oud zeer laat hij voor wat het is.
Wel wil hij graag kwijt dat hij meer marktinformatie had willen gebruiken om de schommelingen in de economie te herkennen. 'Ik heb daar modellen voor', zegt hij. 'Als ik een computer had gehad, was ik ver gekomen.'








